maandag 13 juni 2011

Wie wil er citroen?

Om het eens wat leuker te maken vraag ik jullie om eerst eens een theelepeltje uit de lade te halen en als je een citroen in huis hebt neem die dan ook onmiddelijk maar mee.



Ik heb hier namelijk de grootste citroen uit mijn hele leven gezien. Mijn nonkel kwam vanavond langs en had speciaal voor mij de citroen meegenomen. Ik kon het zelf eerst niet geloven. Gigantisch!!! En om het wat duidelijker te maken heb ik er maar een theelepel langsgelegd. Dan geloven jullie mij zeker.



zaterdag 11 juni 2011

Sumaj Kausay

Een paar weekjes geleden kwam Marieke (één van de boliviaanse belgen) op het idee om hier een trui te laten maken als herinnering aan bolivia. We vonden dat allen een leuk idee en dus begonnen we te brainstormen over wat er zou op moeten staan. Namelijk: Sumaj Kausay wat goed leven betekend in quechua, viva cochabamba (CBBA), de landvorm, jaartal en nog afs bolivia. Na dat te besloten te hebben begon ik met een paar ontwerpen en dit was het eind resultaat.
Wat we toen nog moesten doen was de truien gaan zoeken, kopen en naar de winkel gaan brengen om alles erop te laten borduren. Dit is het eindresultaat en we zijn er allen super blij mee en ik ben gewoon al trots dat het mijn ontwerp is.

donderdag 2 juni 2011

Uyuni

Mijn laatste grote reis is voorbij. Ik ben namelijk met heel AFS van Bolivia naar Uyuni geweest waar er de grootste zoutvlakte is van de wereld en vele meren met speciale eigenschappen. Maar ik zal bij het begin eens beginnen.

Vrijdag de 27ste mei moest ik om 7 uur ’s morgens aan de Terminal klaarstaan (het busstation) om dan om half 8 te vertrekken naar oruro. Dit was ongeveer een reis van 4 uur. In oruro aangekomen gingen we al met zen allen ergens eten. Terwijl we aan het eten waren kwamen de AFS-ers van Santa Cruz, La Paz, Tarija, ... aan. Eigenlijk gewoon al de rest die nog moest komen. Na het eten gingen we naar het treinstation. Voor de eerste keer in een jaar zouden we nog eens op een trein gaan. De rit van de trein duurde zo een 7 uur en ik zal toegeven het was zeer gezellig en zoveel beter dan op een bus zitten. Toen we ’s avonds dan in Uyuni aangkwamen begonnen we toch te merken dat het een stukje kouder was. We werden naar ons hostal gebracht om onze koffers en rugzakken af te zetten en de kamers te verdelen. Rond 10 uur gingen we dan toch eens wat eten. In het restaurant konden we kiezen tussen 3 soorten soep of spaghetti. De meerderheid koos uiteraard voor spaghetti. Terwijl we aan het wachten waren op ons eten begonnen we wat spellen te spelen zoals: UNO (dat is hier ook zeer bekend), wat kaartspellen en dat spel met die ladders en slangen. De begeleiders kwamen ons opeens vragen of we wel een sleeping bijhadden ( slaapzak) maar aangezien niemand ons dat gezegd had of nergens op de gegeven papieren stond, had uiteraard niemand dat bij. We zouden afzien ’s nachts, dat was duidelijk. Om half 1 begon de keuken dan toch eindelijk het eten uit de keuken te brengen maar het volgende wat wij toen hoorde was dat er niet genoeg spaghetti was voor iedereen en dat een klein groepje nog wat langer moest wachten op het eten. Dat klein groepje was uiteindelijk de AFS-ers van Cochabamba omdat wij het verste van de keuken zaten. Om half 2 kregen wij dan uiteindelijk iets te eten maar niet wat we gevraagd hadden. We kregen wel wat pasta maar met champignonen en een witte saus. Na het eten gingen we terug naar het hostal om toch nog wat te kunnen slapen voordat we er weer uit moesten.

Zaterdag:
We stonden allen vroeg op zodat we optijd konden vertekken maar omdat we met zoveel waren had de keuken ook vertragen met het ontbijt te geven. Gevolg: we waren al een uur achter op schema. Toen iedereen gegeten had en we allen klaarstonden om te vertrekken moesten we nog even wachten op een jeep die te laat was omdat zijn auto niet wilde starten. Toen deze toch aankwam vertrokken we onmiddelijk naar onze eerste activiteit namelijk een kerkhof van treinen. We hadden er maar 10 minuutjes de tijd omdat we toch al zo laat waren en die 10 minuten vulde we goed met op de treinen te klimmen en een fotoshoot te houden. Daarna moesten we terug keren omdat we onze koks nog moesten gaan ophalen en het water. Wat ervoor zorgde dat we al 2 uur achter op schema waren. Maar toen begon het echt. We gingen naar het Salar! De overgang van het zand naar de zoutvlakte gebeurde zeer vlug en we waren dus al snel omringd door alleen maar zout. Een ongeloofelijk prachtig zicht waar veel foto’s van gemaakt zijn. Als eerste gingen we kijken waar en hoe ze het zout ontginnen. Er worden tonnen zout ieder jaarweggehaald van het salar wat op zich wel spijtig is maar je merkt er niks van als je op het salar zelf bent. De volgende halte was naar het eerste zouthotel dat er bestond op de salar. Zoals de naam al zegt een hotel alleen maar van zout. Maar ook echt alles: de muren, stoelen, tafels, bedden, ... Daarna reden we naar het eiland Incahuasi. Dit eiland is bedekt met gigantishe cactussen en met gigantis bedoel ik dan ook wel van 4 meter groot ofzo. Na onze wandeling op het eiland stond het middageten klaar. Na het eten moesten we spijtig genoeg onmiddelijk al door omdat we anders niet voor het donker zouden aankomen aan ons ‘hotel’. Onze slaapplaats bevond zich niet op de zoutvlakte zelf maar terug op land en het was bijna compleet van zout gemaakt. De binnenmuren, tafels, stoelen en bedden wel maar de buitenmuren niet omdat de regen en de wind de muren gewoon zou vernielen na een bepaalde tijd. Na een heerlijk avondeten maakte we ons weer klaar om te gaan slapen maar dit keer ging ik toch wel slapen met een extra dekkentje, een trui en voor het eerst in men leven zover ik weet ook met kousen en nog een muts.

Zondag
Zelf had ik best wel goed geslapen maar er waren andere die toch wel last hebben gehad van de kou. Na het ontbijt gingen we nog naar een grot waar je een paar mummies kon zien en toen nam ik afscheid van de zoutvlakte want we zouden nu alleen nog maar op land gaan zijn. De volgende stop van die dag was (zoals ik het zou beschrijven) bij een zee van versteende lava. We waren namelijk al een hele tijd door een vallei van vulkanen aan het rijden. En doordat ik in de auto zat met de gids kregen we steeds interessante dingen te horen. Namelijk: je kan een vulkaan herkennen aan zijn kleuren, het heeft een rode, gele en wittere tint dan de andere bergen. Al de stenen die je tegenkwam waren van uitbarstingen van vulkanen. Ook kwamen we een paar heuvels tegen met zeer veel rotsen en dat waren dan vulkanen in worden. De kracht duwde de stenen omhoog maar op een moment stopte die stuwkracht en werd het juist geen vulkaan.
In ieder geval: de volgende stop was bij de árbol de piedra (boom van steen). Er waren ook nog andere hoge rotsen waar we begonnen op te kruipen. Maar die foto’s heb ik momenteel nog niet maar zal ze zeker wel op mijn facebook eens posten. Maar ook toen moesten we weer snel door. De zon begon te zakken en er stond normaal nog een andere stop op schema. Toen we aan Laguna Colorada aankwamen waren we al te laat. De zon stond al te laag en er was niks meer te zien dus dat zou voor de volgende dag zijn. Toen we aan onze slaapplaats kwamen begon ik te beseffen dat ik het dit keer wel koud zou hebben. We waren door niks beschut en de kou en wind kon dus zijn gang gaan. Na het avondeten gingen velen al vroeg slapen maar ik en nog 10 andere mensen bleven nog wat op om een drinkspel te spelen zodat het wat minder koud zou zijn. Rond 3 uur gingen we toch slapen. Ook dit keer ging ik weer slapen met extra deken, kousen, muts en trui maar toen deed ik ook nog een sjaal en handschoenen aan in de hoop dat het wat zou helpen. Helaas, om het half uur werd ik weer wakker van de kou, mijn voeten waren aan het bevriezen. De volgende ochtend hoorde ik dat iedereen wel last heeft gehad van de kou.

Maandag
Onze laatste dag in Uyuni. Als eerste gingen we naar Laguna verde. Waar je normaal een groen meer zou zien. Alleen hadden wij niet zoveel geluk. De benodigdheden om het ook werkelijk groen te zien was wind en er was niks van wind aanwezeig. Dus de volgende stop was Géiser de Sol de Mañana (geisers in de zon van de ochtend: ruw vertaald) Ook dit was zeer impressionant om te zien maar het stonk wel een beetje door de zwavel die mee naar buiten kwam. Na een korte stop daar gingen we naar Termas de Polques wat warmwaterbaden waren. Na een tijdje te twijfelen ging ik me toch omkleden en genoot ik van het heerlijke warm water. Het spijtige was dat er zoveel touristen waren. Dus persoonlijk vond ik het warmwaterbad van Potosi toch wel beter (zie 3 stedentocht). We gingen terug naar onze slaapplaats voor ons middag eten en toen ik eens wilde zien op mijn gsm of er bereik was vond ik deze niet. Jawel hoor ik ben gsmloos. Of ik het zefl verloren ben of iemand deze gepikt heeft zal een mysterie blijven. Achja: Onze laatste activiteit van die dag was Laguna Colorada aangezien we dat de vorige dag niet hadden kunnen doen.
We zagen in de verte al het rode water opduiken. Waarom was dit water rood? Awel bij dit meer was er niet meer dan zon nodig. Doordat de zon warm was kwam de rode plankton naar boven dat ervoor zorgde dat het water rood kleurde. En ja hoor, er waren ook flamingo’s te zien. Nadat we daar nog een leuke fotoshoot hielden moesten we terug naar Uyuni. Het zou namelijkl een lange reis worden en we zouden daarna nog moeten eten en om 2 uur ’s nachts zouden we de trein terug naar Oruro hebben. Alleen werd de rit terug naar Uyuni iets langer dan verwacht. Er waren constant problemen met de auto’s. Er hebben 2 namelijk hun banden moeten verwisselen, bij de ander was de rem half kapot en zo bleven er kleine problemen gebeuren. ’s Avonds laat kwamen we dan toch aan in Uyuni, we namen onze rugzakken van het dak af en gingen eten. Een half uurtje voordat we vertrokken besefte ik dat ik mijn zwemgerief en handdoek ik de auto vergeten was. Ik had deze namelijk achter in de auto gelegd omdat het nog nat was en ik het nergens anders kon stoppen. Ondertussen heb ik dit al aan AFS laten weten, het enige wat ik nu nog kan doen is hopen dat het nog tot Cochabamba geraakt voordat ik vertrek. Toen we gegeten hadden gingen we naar de trein en ’s morgens vroeg (dinsdag) kwamen we aan in Oruro. Daar kregen we te horen dat de taxi’s de straten waren aan het blokeren en dat het kon zijn dat we nog tot ’s avonds laat in oruro zouden zijn. Maar dit keer hadden we geluk. Er was 1 bus die wel vertrok naar Cochabamba en rond half 4 was ik terug thuis en was mijn laatste reis in bolivia gedaan. Ik heb er serieus van genoten en ik zou het zonder twijfel een 2de keer doen. Ik heb zoveel mooie en impressionante dingen gezien gehad. Als iemand ook maar ooit in de buurt van Bolivia komt is Salar de uyuni een grote aanrader.

dinsdag 3 mei 2011

Paspoort


Na een beetje meer dan 6 maanden 'illegaal' in Bolivia te zijn is mijn paspoort dan toch eindlijk in orde. Het heeft AFS en de imigratie 6 maanden geduurd om ons de Cochabambinos illegaal te maken.

De tweede dag dat we in La Paz waren in Juli moesten we naar de dokter om bloed te laten trekken en andere dingen. Na 3 of 4 maanden moesten we dit nog een keer maar dan in Cochabamba zelf maar omdat het hier ook niet ging zoals gepland en al de rest van Bolivia wel al hun paspoort had moesten wij ( de meerderjarige van Cochabamba) een tripje maken naar La Paz voor nog eens bloed te laten trekken. We vonden die trip zeker niet erg aangezien AFS alles betaalde enzo en hebben ons dan ook goed geamuzeerd daar.

Dus alles is nu eindelijk in orde en kan nu legaal tot de 1ste maart van 2012 hier in Bolivia blijven.

zondag 1 mei 2011

Pacay


Wat is pacay? Pacay is een fruitsoort die je niet in België zult vinden. Als je het uiterlijk zou beschrijven zou je zeggen dat het een uitgedroogde komkommer is en als je de vrucht vanbinnen zou beschrijven zou je zeggen dat er watjes in zitten. Maar al bij al toch wel lekker om te eten.

zaterdag 30 april 2011

Zenuwen


Gisteren heb ik een aantal van mijn vrienden het spel Zenuwen geleerd en het sloeg onmiddellijk aan. Wat me opviel was dat de meisjes het sneller leerden dan de jongens en daardoor ook steeds wonnen.

vrijdag 29 april 2011

De onredelijkheid van mijn mama

- We hadden met de belgen eens afgesproken om iets te koken en ik zou voor het dessert zorgen. Thuis had ik dus chocomousse klaargemaakt in de voormiddag. Na het middageten thuis dachten mijn broertje en zusje dat ik dat voor thuis had gemaakt dus toen zei ik dat het voor 's avonds met mijn vrienden was. Toen ik alles in een potje deed liet ik wat over voor hier thuis maar toen zei mijn mama dat ik alles moest meenemen omdat ik had gezegd dat het niet voor hun was. Wat dus niet waar was, ik had gezegd dat het voor mijn vrienden was en niet dat ze er niks van mochten hebben. Daarna zei ze ook nog eens dat ik niks in de keuken mocht maken als er niet ook iets voor haar kinderen was.

- Sinds een maand mag ik mijn laptop niet meer tegelijk met de tv gebruiken omdat dat teveel elektriciteit zou kosten. Wat doen haar kinderen: Ze zetten de tv aan op de kamer van mijn broertje, kijken even en gaan dan op de gang spelen zonder de tv uit te zetten of de ene gaat naar de kamer van mijn ouders om daar iets anders te zien en na een tijdje volgt de ander zonder de tv op de andere kamer uit te zetten. Wat ook een gewoonte is, is om het licht aan te doen maar nooit uit te doen wanneer ze de kamer uitgaan. En daar zegt mijn mama dan nooit iets op.

- Ze zegt tegen mij dat ik nooit weg ga, dat ik teveel op mijn laptop zit, steeds om mijn bed ben en dat niks me interesseerd. Ik geef toe dat ik toen ik nog op Anglo Americano zat eigenlijk nooit weg ging. Gewoon omdat ik daar geen vrienden had. Maar nu ik op het unif zit ben ik al vaker weggeweest dan ik in heel de tijd dat ik op het middelbaar zat hier. Ge moogt ook raden wat zij heel de week doet: Ze poetst heel het huis 2 keer en bijna iedere dag na het middageten gaat ze slapen. D enige keer dat ze weggaat is in het weekend wanneer mijn papa er is en dan is het zelfs nog niet iedere week.


Maar ja, wat doe ik eraan.

Handschoenen


Een leuke nieuwe aanwinst voor de komende koude winters in Belgie!

dinsdag 26 april 2011

Pasen

Pasen was wel een kleine terleurstelling. Al weken lagen de chocolade eitjes in de winkel klaar en toen ik vroeg aan mijn papa of ze hier ook eitjes moesten zoeken zei hij van wel. Daardoor ben ik waarschijnlijk teveel gaan verwachten. Zondagochtend stond ik dus op en het einige wat te vinden was waren de paar eitjes die ieder had gekregen op zijn kamer. Voor de rest van de dag gebeurde er niks speciaal. Er kwam wat familie eten maar dat gebeurd wel vaker op zondag.

Ik kijk er nu al weer naar uit om volgend jaar misschien iets te mogen zoeken of zelf de eitjes te verstoppen bij mijn oma.

Wafels


De zaterdag had ik zoals normaal weer les maar rond 12uur laat Eva me opeens weten dat ze wafels aan het maken was en ipv naar de volgende les te gaan heb ik me bij haar thuis leuk geamuzeerd met wafels te helpen maken.

El Cristo

Omdat er gisteren (vrijdag) geen les was ben ik voor de 2de keer naar El Cristo geweest. (Dat groot wit beeld van Jezus dat op een berg in Cochabamba staat.) Om half 9 stond ik op zodat ik om half 10 op de afgesproken plak was. Ik ben namelijk met 2 vriendinnen van school geweest. Terwijl ik aan het wachten was op de Plaza (plein) kwam een van de straathonden om wat aandacht vragen.
Aangezien ik toch niks beters te doen heb begon ik hem wat te aaien en heb ik hem Mani genoemt. Wat eigenlijk apennoot betekend maar ik vond het wel leuk klinken voor een dier. Toen Yessica en Kiara waren aangekomen gingen we samen verder maar die hond kwam mee. Maar helaas, aangezien we besloten hadden om met de trappen naar boven te gaan kon de hond niet mee en lieten we hem achter.

Het was zeker in de 30° en geen enkele wolk te zien aan de hemel, dat maakte onze trip naar boven niet gemakkelijker. Maar met rustig naar boven te gaan en af en toe een kleine pauze te nemen ging het goed. Een uurtje later stonden we dan ook boven. We genoten van het uitzicht en namen nog wat foto’s.
Daarna gingen we in El Cristo zelf omhoog. Je kon tot aan de schouders gaan en van daar kon je uit kleine gaten foto’s maken en van het prachtige uitzicht genieten.

Toen we terug onder waren, en dit keer met de liften, namen we afscheid en ging ik ook naar huis. Maar natuurlijk kwam ik thuis aan en was er niemand. Na gebeld te hebben wist ik waar ze waren en omdat ik nog steeds in de wandelbui was, was ik een 40-tal minuten onderweg voordat ik bij mijn neef zijn thuis aankwam.

Een zeer sportieve dag kunt ge welk zeggen.

woensdag 13 april 2011

Een weekje vakantie

Sinds vorige week vrijdag zijn er geen lessen meer geweest in het unif. Van de vrijdag en zaterdag was ik zeker omdat ik toen steeds aan een vriendin heb kunnen vragen. Maar op maandag en dinsdag had ik les om kwart voor 7 's morgens les en dan belt ge iemand niet wakker. Dus ik beide dagen naar het unif om dan voor een gesloten poort te staan. Toen ik dinsdag terug was zeiden ze dat ik de 'noticias' moest kijken op tv. Ik heb toen gezegd dat ik dat niet versta omdat ze te snel praten voor mij. Mijn mama vond het maar 'raar' Waarschijnlijk denkt ze gewoon dat ik te lui ben om te kijken. Zij denkt echt dat ik alles versta van wat ze zeggen. Als andere vragen hoe mijn Spaans is zegt zij ook steeds dat het heel goed is terwijl ik altijd zeg dat het wel meevalt. Ik denk dat ze soms gewoon vergeet dat ik nooit perfect spaans ga praten omdat het niet mijn geboortetaal is.
In ieder geval: Vandaag (woensdag) had ik weer gebeld naar mijn vriendin en weer zei ze dat er geen lessen waren. 5 Minuten later komt mijn mama binnen en zegt ze dat er wel lessen zijn wat dat hadden ze op tv gezegd. Zelf geloofde ik er niet veel van maar om haar gelukkig te maken ging ik toch maar naar het unif. Onderweg moest mijn bus omweg maken omdat studenten de weg aan het blokeren waren. ik wist al genoeg: Geen les. Maar voor alle zekerheid ging ik toch maar naar mijn eigen unif om weer voor een gesloten poort te staan. 3 Kwartier lang was ik bezig met het zoeken naar mijn bus naar huis. Ze waren namelijk ergens anders op de straat nog aan het blokeren waardoor mijn bus omweg moest maken maar ik wist niet langs waar. Toen ik eindelijk thuis was moest ik nog eens 10 minuten aan de deur wachten omdat mijn mama in de douche stond.


Waarom en voor hoelang dat er geen unif is weet ik niet.

zondag 3 april 2011

Nog maar 81 dagen en verminderend.

Nog maar 81 dagen in Bolivia. Dat kan niet zijn, dat klopt niet. Zo gaat het in mijn hoofd maar het is werkelijkheid. Mijn zus van België zei dat mijn mama al had gezegd dat ik al eens moest beginnen te kijken om dingen op te sturen naar België. Mijn eerste gedacht was dat het daar nog veel te vroeg voor was. Het zijn nog 3 maanden?! Maar zelfs dat niet meer. Het zijn nog maar 2 maanden en een half. 'Maar?! ik ben pas naar unif aan het gaan, nieuwe vrienden aan het maken, ik wil nog naar Salar de Uyuni gaan en naar Machu picchu!' Maar de tijd begint te korten en het begint vaker tot me door te dringen. Het komt vaker in mijn hoofd dat het nog maar 81 dagen zijn tot afscheid. Afscheid van een geweldig mooi land, van een hele nieuwe familie en een nieuwe vriendengroep. Afscheid van een 2de leven zou je kunnen zeggen.

Maar op een andere manier denk ik ook vaak: Nog maar 81 dagen totdat ik thuis ben, mijn echte familie weer zie, mijn vrienden weer zie daar, dat ik kan beginnen met hogeschool. Dat ik al mijn verhalen kan vertellen van hier, dat ik weer kan gaan zingen en dat ik weer naar jong leut kan gaan.

Nog maar 81 dagen ...

zondag 27 maart 2011

Dag 2 op unif.

Op mijn 2de ‘schooldag’ was ik al bijna in het verkeerde lokaal. Samen zat ik met het meisje (dat me naar het juiste lokaal had gebracht) te wachten op de docent die 3 kwartier te laat aankwam. Toen was hij een 3 kwartier bezig met het uitleggen van een opdracht. En daarna gebeurde iets wat ik absoluut niet verwacht had. Hij kwam naar me toe en vroeg of ik de uitwisselingstudent was ( wat eigenlijk heel logish was aangezien ik de enige blonde blanke was in heel dat lokaal). Dat vond ik nog niet zo erg maar daarna zei hij voor heel de klas wie ik was en moest ik mezelf ook nog eens voorstellen. Iedereen keek naar mij en daarna kreeg ik ook nog eens een applaus..


Mijn bezigheid als de les wat minder interessant is.

zaterdag 26 maart 2011

Mijn eerste werkelijke dag op het unif.

Donderdag was er dan weer terug les. Om kwart voor 7 maar de dag ervoor was Lolita (mijn nicht) jarig en haar feestje was bij ons thuis. Toen we samen afscheid namen van de laatste vrienden kwam de zus van Lolita naar onder gewandeld van haar auto met het nieuws dat er in de auto was ingebroken. Het raam aan de rechterkant was ingeslagen, het stuur, en het dashbord was helemaal weg, ze hadden het kastje rechts ook opengebroken, zelfs onder de motorkap hadden ze dingen weggenomen. Rond 2 uur was de auto opgehaald en was iedereen weg zodat ik kon gaan slapen. Uiteraard wel met het idee dat ik niet naar de eerste les zou gaan.

Om half 11 had ik mijn volgende les. We hadden het over de hersenen en waar bepaalde delen voor dienen. Zeer interessant en fijn om te weten.

Na een aantal uur thuis te zitten had ik om 6 uur mijn volgende les. Deze was helaas wat minder interessant. Het ging over Plato en Aristotoles, maar filosofie is nooit echt mijn ding geweest.

maandag 21 maart 2011

Mijn zogezegde eerste dag op het unif.

Het eerste gedacht toch mijn wekker af ging was: ‘Nee.....’ en toen ik naar mijn horloge keek om te zien of ik mijn wekker niet had verkeerd gezet: ‘Nee............!’ Het was half 6 en nog steeds donker buiten. Ik bleef nog een kwartiertje in bed om wakker te worden. Om 20 na 6 was ik helemaal klaar met nog steeds kleine oogjes die verlangde naar een bed. Om kwart voor 7 zou mijn les beginnen maar de bus waar ik in zat reed zo langszaam dat ik al vreesde om te laat te komen voor mijn eerste les. Toen ik aankwam was het al 10 voor maar de poort was om een of andere reden nog steedds gesloten, wat goed uitkwam voor mij. Na een kwartier langer aan de poort te staan vond ik het maar raar vinden dat de poort nog steeds dicht was. Ik begon ook rond me te horen dat er wellicht geen school was dus na 3 kwartier wachten ging ik dan toch naar huis. Het eerste wat ik deed toen ik terug thuis was, was in bed gaan liggen en 2 uurtjes slapen.

zondag 20 maart 2011

Een Boliviaans carnaval in Oruro

Na een heel getaffel met AFS om toestemming te krijgen om naar Oruro te gaan voor carnaval, stonden we vrijdag, 4maart, klaar om te vertrekken. Waarom wilde wij (de belgen van Cochabamba) naar Oruro gaan voor carnaval? Omdat Oruro de meest traditionele en meest bekende carnaval heeft van heel Bolivia. Uiteraard zoals ik met de driestedentocht al heb gezegd, er zijn altijd problemen.
Zoals vele van jullie wel weten kan ik soms wat vergeetachtig zijn maar dit keer was ik het niet alleen. Toen we bij de controle kwamen moesten we onze papieren laten zien of ons paspoort. Vele van ons hadden misschien geen paspoort maar we hadden we een papiertje dat zei dat ons paspoort in behandeling was. Dus wat was is vergeten, dat papiertje. Iemand anders had dat papiertje niet gekregen en dan was er nog iemand die wel zijn paspoort had, maar die het niet had meegenomen. Met veel geluk mochten we dan toch door en moesten we de volgende week woensdag naar de migration gaan.
's Avonds stonden we aan de terminal van Oruro en gingen we onze rugzakken dumpen in het hotel om daarna een wandeling te maken en een deel van het parcour te leren kennen. Carnaval is hier in Bolivia namelijk typische dansen met veel water. Terwijl we de straten doorgingen kwamen we vele kraampjes tegen met eten, drinken, fel gekleurde pruiken, etc. Wat we ook veel tegen kwamen was een witte drank die we nog nergens anders hadden gezien. Onze nieuwsgierigheid nam toe en na de zoveelste kraam gingen we het toch eens proeven. Het heette 'Leche de Tigre' en bestaat uit: Gecondenseerde melk die tot koken werd gebracht met Singani wat een boliviaanse drank is. Van onze 2 begeleiders kregen we te horen dat het een typisch drank is van Oruro.

De volgende dag stonden we rond 10 uur klaar om te ontbijten en onmiddelijk door te gaan naar onze zitplaatsten. Zoals ik eerder al heb gezegd is carnaval hier ook met water, ze hebben hier zelfs van die leuke schuimspuitbussen en van het een kwam het ander en opeens was er een serieuze oorlog van schuim op onze tribunes. Ons haar, gezichten en pocho's zagen helemaal wit maar we vonden het dus niet erg want het was carnaval! De sfeer zat er goed in en we genoten van de vele typische dansen die voorbij kwamen. Maar de dans die het meeste succes had was de Caporales! Dit is een geweldige dans om te zien, het is een zeer krachtige en passievolle dans die je energie geeft om gewoon te zien.
Van 's morgens tot 's avonds zaten we daar de dansers aan te moedigen totdat er bij de tribunes langs ons een serieus gevecht onstond. Zonder twijfel de schuld van teveel drinken. Het gevecht liep zo uit de hand dat 1 van de 2 zelfs bewusteloos op de grond lag. Hij werd weggedragen maar de ander gaf niet op ondanks zijn wondes te toch wel fel bloedde. Hij moest ook weg gesleurd worden omdat praten niet hielp. Maar de sfeer kwam al weer snel terug en we gaven weer alles wat we hadden. Helaas waren onze 2 begeleiders moe en gingen we een paar uurtjes rusten in het hotel om weer op te staan om 5 uur 's morgens. We gingen naar de 'Lalva'. Dit is een plaats waar het feest van carnaval word verder gezet met een aantal bandjes die volop muziek spelen en heel het volk aan het dansen is totdat de zon hoog in de hemel staat. Wij zelfs stonden vrij hoog op de treden en zagen daardoor de eerste zonnestralen die over de bergen kwamen in de verte.
Toen we terugkeerde naar ons hotel om onze spullen in te pakken zagen we dat het vele drinken toch zijn tol had geeïst. Tientalle mensen lagen op straat hun roes aan het uitslapen ofwel waren ze gewoon bewusteloos van het drinken. Rond kwart na 11 zondag keerde na een geslaagd weekend terug naar Cochabamba.

Helaas kan ik geen foto's laten zien, mijn camera is in het water gevallen op de laatste dag van de driestedentocht en heeft het dan toch begeven na een paar dagen half te werken.

woensdag 23 februari 2011

Nieuws

Het nieuws van een regeringloos Belgie geraakt wel tot Bolivia maar ik betwijfel of het nieuws van Bolivia ook tot daar geraakt. Vandaar dat ik nu een ‘kliene’ nieuwsflash ga geven.
Problemen van cochabamba de stad:

Sinds vorige week zijn de mensen de straten gaan blokkeren. Voor deze reden moeten we helemaal terug gaan naar kerstmis. Op kerstdag besloot de president om de prijs van de gasoline te verdubbelen. Uiteraard was niemand daar mee akkoord en begon er een serieus protest te ontstaan in Bolivia. Een paar dagen daarna was de prijs weer normaal maar sindsdien is de prijs van alle andere dingen gaan stijgen. Zelfs de prijs van alle basisproducten zoals melk, boter, eieren is gaan stijgen. Vorige week besloten de chauffeurs van de trufi’s en de micro’s om hun prijs ook te laten stijgen. (Dit zijn 2 soorten van openbaar vervoer.) De mensen accepteerde dit uiteraard ook niet en begonnen de wegen te blokkeren zodat deze voertuigen steeds omweg moesten maken. Nu zijn de prijzen weer normaal van de trufi’s en micro’s maar de mensen zijn de straten blijven blokkeren. Dit keer omdat ze willen dat hun loon ook stijgt. Niemand kan cochabamba uit of in. Als iemand van de auto’s probeerd verder te gaan worden hun banden plat gestoken.

Probleem van Chapare in Cochabamba:

Het is hie rnu al zeker een 2-tal weken iedere dag aan het regenen wat voor wateroverlast zorgt. De 2 grote rivieren die zich in Chapare bevinden zijn overstroomt. De straten staan blank met zeker 70cm diepte van water. Het zou een minder groot probleem zijn als het water niet wat diertjes meenam. De mensen die in Chapare wonen hebben nu nieuwe huisdieren zoals krokodillen en andere. De rivieren zorgen niet alleen voor problemen in het dorp maar ook uit het dorp. De afgronden van de wegen beginnen steeds meer af te brokkelen en er is zelfs al een plaats waar de straat is aan het afbrokkelen in de rivier.

Probleem van Quillacollo:

Niet alleen in Chapare is er een wateroverlast ook in de stad dat zich langs Cochabamba bevind. Door Cochabamba is er een rivier die verder gaat naar deze stad, hier in Cochabamba zelf is de rivier breed genoeg maar in Quillacollo niet. Gevolg dat ook daar de straten blank beginnen te staan.

Algemeen probleem in Bolivia:

Suiker. Een 5-tal jaar geleden heeft de president besloten om privaat eigendommen tot de staat te maken waar ook de teelt van suiker en rijst onderandere tussen zit. Het gevolg van deze actie is dat er na 5 jaar een suiker tekort is aan het ontstaan. Het zal echter niet bij suiker blijven. Na misschien een paar maanden of een paar jaar zal er ook een tekort ontstaan aan rijst, meel en maïs.

Probleem van de AFSers in Cochabamba:

Wij zitten hier nog steeds zonder visum. Toen we in bolivia aankwamen zeiden ze dat we ons visum wel zouden hebben na 2 of 3 maanden aangezien ons tijdelijk visum maar een 3 maanden goed was. 2 Maanden nadat ze dat zeiden, lieten ze ons weten dat het nog een 3 maanden zou duren. Nu zijn we hier al 7 maanden en we hebben ons visum nog steeds niet, wat dus betekend dat wij hier al 4 maanden illegaal zitten. Het rare van heel de zaak is dat alle andere mensen van AFS wel al hun visum hebben en dat iedereen van Rotary, ( een ander uitwisselingsprogramma ) zelfs de mensen van rotary in Cochabamba ook al hun visum hebben. Maar er is vooruitgang, vorige week lieten ze ons (een dag op voorhand) weten dat we naar La Paz moesten en dat wanneer we terug kwamen we ons visum zouden hebben. Maar het probleem daar dan is dat we niet uit of in Cochabamba kunnen en dus moeten wachten totdat de straten niet meer geblokkeerd zijn.
Dat was het dan, dit was Maren Thijs met het nieuws uit Bolivia.

donderdag 17 februari 2011

driestedentocht


Het eerste wat ik wil zeggen is, een avontuur begint of is nooit zonder problemen. Een 2-tal weekjes geleden besloten we om met alle belgen een driestedentocht naar Potosi, Sucre en Tarija te maken.
Probleem 1: Het was al 28 januari en we mochten maar tot de 14e februari reizen. Op korte tijd regelde we de hele boel om op de nacht van donderdag naar vrijdag te vertrekken. Nadat de dagen verstreken werd het aantal mensen die mee zouden gaan ook steeds kleiner. Van de 9 mensen die zouden gaan bleven er nog maar 5 over: Marieke, Jorik, Emily, Eva en ik.
Probleem 2: De donderdag middag merkte ik dat er geen bussen ’s morgens reden maar wel ’s avonds, de laatste bus zou om half 9 zijn. Nadat we samen besloten te hadden om diezelfde dag nog te vertrekken kwam
Probleem 3: Eva mocht absoluut niet ’s nachts met de bus weg. Daardoor hebben we na een uur op en af sturen naar elkaar gezegd dat we dan maar de bus zouden nemen om half 5 wat raar maar waar wel mocht van Eva haar mama.

Potosi:
Voor naar Potosi te gaan moesten we eerst een 4-tal uur onderweg zijn naar oruro en van daaruit namen we een volgende bus naar Potosi die een 5-tal uur duurde. Aangekomen in Potosi kwamen we al onmiddellijk een vriendelijke taxichauffeur tegen die ons naar ons hostal Casona bracht. De eerste gedachte van ons allen was, gezellig. We kregen een grote slaapkamer van 10 waar al 5 andere mensen een bed ingenomen hadden. Nieuwsgierig naar wie andere mensen zouden zijn zette we onze tocht toch maar verder. Diezelfde dag gingen we nog naar een touristenbureau om vast te kunnen leggen wat we de volgende dag zouden gaan doen. Na dat te besloten te hebben, genoten we nog van een lekkere pizza en gingen slapen. Na 5 minuten in ons bed te liggen kwamen er al 3 van de onbekende mensen binnen. 3 Britse jongens met een geweldig accent die er niet al te slecht uitzagen, leuk seg.
De volgende dag werd ik al vroeg wakker door een concert van gesnurk. Eerst een van de britten boven mij zeer hard aan het snurken maar hij werd teminste opgehouden door zijn vrienden. Een beetje later begon een van de andere 2 onbekende gasten oorverdovend te snurken zodat de kerel boven mij hem ging laten stoppen door een stoot te geven aan zijn bed. Uiteindelijk moesten we dan toch opstaan want onze planning van de dag begon al vroeg. Rond half 9 moesten we klaarstaan aan het touristenbureau om naar de mijnen te gaan van Potosi. Spannend! Zeker als je bedenkt dat er geruchten rond gaan dat de mijnen op instorten staan... In een busje werden we met nog andere mensen als eerste naar een plaats gebracht waar we helemaal klaar werden gemaakt voor de mijnen. We kregen een supergrappige hemd en broek met nog wat laarzen en een helm met licht. Daarna werden we naar de mijnwerkersmarkt gebracht. Daar konden/moesten we een cadeautje kopen voor de mijnwerkers. Je kon er cocobladeren ( dit zijn kleine blaadjes waar je op moet bijten, ze zorgen ervoor dat je honger stilt en dat je niet snel moe wordt ), cocobladeren met een fles frisdrank, dinamiet, handschoenen en sigaretten kopen. Met het busje gingen we naar de grote rode berg die over heel potosi die zien was. Toen we aan de ingang van de mijn stond werd het toch wel spannend. Samen gingen we met onze gids het donker in. Eerst was het vrij koud maar hoe verder we in de mijnen gingen hoe warmer het werd en op sommige plaatsen ook stoffiger. Het werd warmer? Ja, inderdaad. Potosi is namelijk een soort van lavagebied. Wij gingen maar tot een diepte van een 40-tal meter maar voor ons was het soms al zeer moeilijk om te ademen en dan moet je bedenken dat sommige mensen daar een 15-tal uur onder zaten of soms zelfs nog iets langer. Op een moment was er zelfs een gang waar bijna iedere balk gebarsten was, ik wilde er niet teveel bij nadenken en gewoon verder wandelen. Toen we ongeveer een uurtje aan het wandelen waren kwamen we bij el Tio aan. El tio is een de god van de mijn, maar beter gezegd de duivel. Boven grond heb je God maar aangezien zij onder de grond waren zaten ze op het gebied van de duivel. Om de zoveel tijd ging er wel eens iemand naar el tio om nog eens een sigaret in zijn mond te steken of nog eens wat alcohol over hem te gieten. Dit doen ze om de duivel blij te houden zodat er geen ongelukken gebeuren. Met carnaval wordt het beeld ook versierd met vele kleuren zodat de duivel kan spelen met dit en ook weer afgeleid is zodat er niks verkeerds gebeurd. Na een paar uurtjes verder wandelen kwamen we dan toch nog wat mensen tegen. We kregen van onze gids te horen dat er soms hele gezinnen in werken. Een papa met zijn zonen, soms zelfs nog maar kinderen van 14 jaar. Wat deden wij toen we 14 waren? We speelde buiten, gingen naar school en hadden geen zorgen. Dit is absoluut niet het geval voor hen. De toekomst van die kinderen is al vastgelegd. Werken in de mijn totdat je sterft of een ongeluk hebt in de mijn. Verder in de mijn kwamen we nog andere mensen tegen van 25 jaar of van in de 50 maar die er dan wel al werkte van hun 15de. Dag en nacht wordt er in die mijn gewerkt en iedere keer als er iemand binnen gaat is het met het gedacht, ga ik er nog uit?
De mijnen waren een zeer interessante plek om te zien maar als je er bij gaat nadenken is het een vreselijke plaats. Dagelijks sterven er mensen jong en oud, de gemiddelde leeftijd van een mijnwerker is maar 30 door al die stoffen en schimmels die er zich bevinden en het is niet dat ze kunnen zeggen ik ga iets anders doen, er is niks anders om te doen in Potosi.
Na de mijnen te hebben bezorgt gingen we nog naar 'la casa de la moneda'. In dit museam zag je hoe vroeger de munten werden gemaakt. Het zilver van de mijnen werd onmiddellijk verder gebracht naar dat huis om er munten van te maken. Zelf vond ik het niet zo geweldig interessant in het begin en toen het een beetje leuker werd moesten we door om onze bus naar sucre te halen.
Voordat we vertrokken vroeg iedereen wat gaan jullie in Potosi doen? Daar is helemaal niks te zien. En als je dan vroeg of ze er al waren geweest zeiden ze nee. De bolivianen moeten echt wel eens hun land leren kennen. Potosi is een mooi, zuiver en zeer vriendelijk stadje dat zeker wel de moeite is om te bezoeken.

Surce:
Aangezien de tocht van Potosi naar Sucre maar een 3-tal uurtjes duurde kwamen we ’s avonds laat aan en gingen we onmiddellijk naar ons hostal naar onze bedjes. D e volgende dag gingen we naar de gekende markt in Bolivia, ‘Tarabuco’. Deze bevind zich op een anderhalf uurtje van Sucre en je kan er vele typische voorwerpen en kleding van Bolvia kopen. Terwijl we nog een klein stukje aan het wandelen waren zagen we opeens een auto gedecoreerd met zwart, geel
en rood en het had een Belgische nummerplaat! ‘Belgium around the world’ stond er aan de voorkant op geschreven en op het raam aan een zijkant stond Jeff en julliet. Deze namen al roepend zijn we de markt opgegaan.
Na allemaal een leuke trui en andere dingen te hebben gekocht aten we nog een lekkere maaltijd en gingen we terug naar Sucre de stad.
De volgende dag wilde we naar een kasteel gaan, juist aan de rand van de stad maar na een half uur rit kregen we te zien dat juist die dag het kasteel gesloten was. Dus van de ene kant van de stad naar de andere gingen we naar het dinosauruspark. De inkom voor de mensen van Bolivia zelf was maar 10 Bs. terwijl het voor buitenlanders 30 Bs. was. Dit is een zeer normaal concept dat buitenlanders meer moeten betalen maar 30 was ons wat teveel, dus overtuigde we de vrouw dat we een
jaar hier woonde. Na een heel gedoe mochten we dan toch binnen voor de prijs van 10 Bs. en maar goed ook want het was geen 30 waard. Heet enige wat er te zien was waren een paar dinosaurusen op ware grote en an de overkant van het park was er een muur waar je nog wat voetsporen in kon zien. Voor onze laatste dag in Sucre bezochten we nog de kerk en naderhand ‘museo de arte indígena’. In dit museum kon je de kunst van detypische kleding en tapijten zien. Diezelfde avond zaten we nog in de bus opnieuw onderweg naar potosi.

Potosi 2:
’s Avonds aangekomen in potosi gingen we vermoeid naar ons eerder hostal waar we opeens te horen kregen dat er nog maar 4 bedden in het hele gebouw vrij waren terwijl we met 5 waren. En dat te bedenken dat we duidelijk via het hostal in Sucre hadden gevraagd of er nog wel plaats was voor ons. Met 3 in 2 bedden vielen we uiteindelijk in slaap. Maar zoals ik eerder al heb gezegd, een avontuur is of begint nooit zonder problemen. De volgende dag verwachte de mensen van het hostal dat we voor 5 bedden zouden betalen terwijl er maar 4 waren. Dit accepteerde wij uiteraard niet en gingen dus in discussie met de eigenaar wat tot een serieuse ruzie leide. De man gedraagde zich zeer kinderachtig, liet ons niets uitleggen en zij uiteindelijk dat we weg moesten zonder te betalen. Wij wilde uiteraard wel betalen om verdere problemen te verkomen. Maar de man gaf echt niet toe en bleef zeer koppig en liep uiteindelijk weg. Na toch wat te betaald te hebben aan de
andere bediende gingen we naar ‘Ojo del Inca’. Dit is een meer waar vroeger een vulkaan was wat er dus voor zorgt dat het water een zalige temperatuur heeft tussen de 30° en 35°. De vroegere Inca’s namen zelfs hier hun bad al, wat erop wijst dat dit meer al heel lang bestaat. Na een paar uurtjes te genieten van het warme water gingen we dan toch maar weer door want we moesten die avond nog naar Tarija vertrekken. Terwijl we terug naar ons hostal waren aan het gaan voor onze koffers merkte we dat we allemaal wel zeer rood waren in ons geicht en schouders.

Tarija:
Wanneer we na een lange rit van Potosi naar Tarija aankwamen waren we niet goed uitgerust wat voor een paar zieke zorgde. Terwijl Eva en Marieke aan het slapen waren en Jorik en Emily ook aan het rusten waren ging ik op verkening in Tarija. Onze eerste dag ging dus zeer rustig voorbij maar de volgende dag waren we wel klaar voor een kleine wijntour. Tarija is hier in Bolivia namelijk bekend voor zijn wijn. Nadat we naar een paar wijnhuizen waren gegaan had ik nog geen klein cadeautje gekocht voor mijn ouders hier aangezien mij papa jarig was geweest terwijl ik weg was en mijn mama zaterdag jarig is.
Voor onze laatste dag in Tarija gingen we naar Coimata mat de fiets. Coimata ligt op een 14 km van de stad Tarija en daar heb je een waterval die je helemaal tot boven kunt opklimmen en waar er plekken zijn om te zwemmen.
Na een half uurtje onder aan de waterval te zijn besloten we dan ook om verder op de waterval te gaan. Na een mooi plekje te gevonden te hebben waar we konden zwemmen genoten we nog verder van onze laatste dag.

De volgende dag vertrokken we al vroeg terug naar Oruro om te hopen daar nog een volgende bus naar Cochabamba te vinden. We kwamen dan uiteindelijk de volgende dag om 5 uur ’s morgens aan.

woensdag 19 januari 2011

Het verhaal van mijn doos 2.

Lang, lang geleden op een 24ste november stuurde mijn mama een pakje op van 5 kilo naar Bolivia. Een maand later ben ik ongeduldig aan het wachten totdat dit zogenaamd pakje zou aankomen. De dagen streken voorbij en nog steeds geen woord van het pakje. Een beetje ongerust en niet tevreden ging ik naar de correo om te vragen naar mijn pakje. 'No esta.' zij de vrouw aan de informatiebalie. 'Y no es en Bolivia?' vroeg ik. 'No esta.' Zij de vrouw opnieuw. Teleurgesteld ging ik terug naar huis. Twee dagen later, na mijn charangoles, ging ik nog eens naar correo om te vragen of het al was aangekomen. 'No esta.' Zij de vrouw opnieuw. Weer ging ik een beetje bedroefd naar huis. Weken gingen voorbij en iedere keer zij de vrouw 'No esta.' De 18de januari gaf ik het nog eens een kans. 'No esta!' zij ze opnieuw. 'Debes espera.' Ik vond dat ik al genoeg had gewacht en ging niet langer meer bedroefd naar huis maar eerder een beetje kwaad. Diezelfde dag kwam er een vreemde man aan de deur. Nieuwsgierig stond ik aan het raam te kijken wat deze man wilde. 'Maren, tu caja esta en coreo!' zij mijn mama toen ze binnen kwam. Verbaast ging ik naar onder en inderdaad, mijn mama had een papiertje in de hand waar opstond dat er een pakje was aangekomen. Helaas was het alleen al in de middag en gingen de mensen van de correo naar huis om te eten. De klok tikte traag voorbij en toen het eindelijk half 3 was stond ik klaar om naar de correo te gaan. Ik stapte in de eerste micro die langskwam en was in correo 20 minutjes later. 'Mi caja esta aca?' vroeg ik. 'Si, aqui!' en de vrouw gaf me mijn doos. Vol vreugde ging ik naar de straat om naar mijn oma te gaan. Maar wacht! Deze doos is wel vrij licht om 5 kilo te zijn! Ik keek naar het adres en er stond: Dijkweg. De doos bleek van mijn tante te zijn. Nog steeds zeer blij dat er een pakje is aangekomen maar en beetje teleurgesteld dat het niet van thuis was ging ik naar mijn oma’s thuis. In het pakje ondekte ik heerlijke chocolade en een stuk chocolade dat ooit eens de letter M was. Verder vond ik ook nog een leuke puzzel en een nieuw uitbreidingsspel van Sims.

Als dat niet mooi verteld is. Zoals ik al zij, was de letter M niet meer de letter maar een gesmolten en daarna terug hard geworden chocolade met de vorm van het doosje waar het in zat. De smaak zal nog steeds hetzelfde zijn dus alles oke.

donderdag 6 januari 2011

Charango


Nadat ik mij de maandag had ingeschreven om charango te leren had ik woensdag al mijn eerste les. Toen de les gedaan was deden mijn vingers uiteindelijk wel een beetje pijn maar dat hoord erbij. Momenteel heb ik betaald voor 1 maand en wie weet na die maand doe ik nog verder en ga ik zelfs mijn eigen charango kopen. Het enige probleem dan is: Hoe krijg ik dat terug mee naar huis?



Wat is een charango?: Een charango is een typisch instument van zuid amerika. Het is vijfkorig (5 x 2 snaren) in de stemming E A E C G. Oorspronkelijk werd het gemaakt van de rug van een gordeldier, omdat de bevolking de vaardigheid miste om de Spaanse vihuela, die van hout was gemaakt, na te bouwen.